Rood beeldmerk van Rutten & Welling Advocaten
31 augustus 2026

Eenmanszaak verkopen tijdens een echtscheiding? Let op de toestemming van uw partner

Heeft u een eenmanszaak en gaat u scheiden? Dan is het belangrijk om vooraf goed te bekijken wie mag beslissen over de verkoop van bedrijfsmiddelen. Een recente uitspraak van het gerechtshof Den Haag laat zien dat een ondernemer tijdens een echtscheiding niet zelfstandig de activa van zijn eenmanszaak mag verkopen.

Een eenmanszaak is juridisch geen aparte rechtspersoon. De onderneming zelf kan daarom niet als geheel worden verdeeld. De afzonderlijke bezittingen en schulden van de onderneming kunnen wel tot de huwelijksgemeenschap behoren. Denk aan voorraad, inventaris, gereedschap, voertuigen, een zakelijke bankrekening of andere bedrijfsmiddelen.

Wat speelde er in deze zaak?

In de zaak waarover het gerechtshof Den Haag oordeelde, had een ondernemer tijdens de echtscheiding de activa van zijn eenmanszaak verkocht zonder overleg met zijn echtgenote. Het hof oordeelde dat deze activa tijdens het huwelijk waren verkregen en daarom in de beperkte gemeenschap van goederen vielen.

Omdat de huwelijksgemeenschap inmiddels was ontbonden, mocht de ondernemer niet meer zelfstandig over die gemeenschappelijke goederen beschikken. Daarvoor was medewerking van zijn echtgenote nodig. Door de activa toch zonder toestemming te verkopen, handelde de ondernemer in strijd met artikel 3:170 BW.

Geen verzwijging, maar wel een probleem

De echtgenote stelde dat zij recht had op de volledige opbrengst van de verkoop. Zij beriep zich daarbij op de wettelijke regel dat iemand die een gemeenschappelijk goed verzwijgt, zoekmaakt of verborgen houdt, zijn aandeel daarin kan verliezen.

Het hof ging daar niet in mee. Volgens het hof was de eenmanszaak zelf niet verzwegen. De echtgenote wist dat de onderneming bestond. Wel had de ondernemer niet verteld dat hij de activa had verkocht. Dat was onjuist, maar volgens het hof onvoldoende om de volledige verkoopopbrengst aan de echtgenote toe te kennen.

De verkoopopbrengst moest daarom alsnog tussen partijen worden verdeeld.

Discussie over de waarde

Partijen verschilden ook van mening over de hoogte van de verkoopopbrengst. De echtgenote stelde dat de activa € 78.000 waard waren. In de koopovereenkomst stond echter een bedrag van € 15.000. Hoewel de echtgenote uitlegde waarom zij dat bedrag ongeloofwaardig vond, volgde het hof haar daarin niet.

Het hof overwoog dat beide echtgenoten een verantwoordelijkheid hebben om bij belangrijke vermogensrechtelijke transacties een goede administratie bij te houden en daarover te communiceren. Als dat niet is gebeurd, kan dat voor risico van beide partijen komen.

Dat was hier voor de vrouw natuurlijk een erg hard oordeel. Zij kon er immers niks aan doen dat zij geen informatie had over de verkoop. De man had deze voor haar verzwegen. Zij was ook niet betrokken bij de onderhandelingen over de verkoop.

Wat betekent dit voor ondernemers en hun partners?

Deze uitspraak laat zien dat voorzichtigheid geboden is als tijdens een echtscheiding bedrijfsmiddelen van een eenmanszaak worden verkocht. Een ondernemer kan niet zonder meer zelfstandig beslissen over goederen die tot de gemeenschap behoren. Ook als de onderneming feitelijk door één echtgenoot wordt gedreven, kunnen de activa gemeenschappelijk zijn.

Voor ondernemers betekent dit dat zij vooraf moeten nagaan of toestemming van de andere echtgenoot nodig is. Voor de andere echtgenoot betekent dit dat het belangrijk is om zicht te krijgen op de onderneming, de administratie en eventuele verkooptransacties.

Conclusie

Een eenmanszaak is geen afzonderlijk juridisch vermogen, maar de activa van de onderneming kunnen wel onderdeel zijn van de huwelijksgemeenschap. Tijdens een echtscheiding kan verkoop van die activa zonder toestemming van de andere echtgenoot tot juridische discussies leiden.

Daarbij ligt het niet voor de hand, dat een ondernemer er in vergelijkbare gevallen net zo makkelijk vanaf komt als bij dit hof. Het is immers de ondernemer die moet zorgen voor een voldoende administratie, niet de partner van de ondernemer. De kans lijkt dan ook groot dat in vergelijkbare gevallen de rechter het ontbreken van een duidelijke administratie bij de ondernemer zal leggen.

Gerelateerde artikelen

Justus Godart, advocaat Rutten & Welling Advocaten
21 augustus 2026

We hebben deal of we hebben een deal? Wat is het verschil?

mr. Justus Godart
11 augustus 2026

Detentie van een werknemer en de ontslagmogelijkheden

mw. mr. Sabrina Geurts-Honings
3 augustus 2026

Ex-vriendin verliest gezag over kinderen: “Een gezagsdrager moet weten wat er in het leven van de kinderen speelt”

mw. mr. Lotte Crombaghs