GEEN EXTRA AANMANING VEREIST VOOR HET IN REKENING BRENGEN VAN BUITENGERECHTELIJKE INCASSOKOSTEN

Intussen is het ruim 2 jaar geleden dat de “Wet normering buitengerechtelijke incassokosten” en het bijbehorende besluit[1] in werking zijn getreden.[2] Het besluit heeft betrekking op het in rekening brengen van buitengerechtelijke incassokosten bij een schuldenaar .

Wij merken dat ondernemers in de praktijk veelal terughoudend zijn met het toepassen van het besluit, of dat zij niet precies weten hoe het tenuitvoer gelegd dient te worden. Vandaar deze update.

Het besluit is van toepassing op geldvorderingen waarvan de schuldenaar na 1 juli 2012 in verzuim is geraakt.[3] De hoogte van de in rekening te brengen buitengerechtelijke incassokosten, wordt vastgesteld aan de hand van de volgende percentages:

> 15% over de eerste € 2.500,= van de geldvordering, met een minimum van
   € 40,= ;
> 10% over de volgende € 2.500,= ;
> 5% over de volgende € 5.000,= ;
> 1% over de volgende € 190.000,= ;
> 0,5% over het meerdere van de geldvordering met een maximum van
   € 6.775,=.


Schuldenaar = natuurlijk persoon

Van belang is dat wanneer de schuldenaar een natuurlijk persoon is, niet in negatieve zin van het besluit mag worden afgeweken. Het besluit is dan van dwingend recht.

Om buitengerechtelijke incassokosten in rekening te kunnen brengen dient de schuldenaar in verzuim te zijn:

De schuldenaar dient derhalve schriftelijk in kennis te worden gesteld van de geldvordering van de schuldeisers op hem (de sommatiebrief). In deze brief dient vermeld te worden:

- dat bij uitblijven van betaling van de geldvordering binnen 14 dagen[4], deze vordering vermeerderd wordt met buitengerechtelijke incassokosten

- wat de hoogte van de in rekening te brengen buitengerechtelijke incassokosten is, alsmede informatie over hoe dat bedrag tot stand is gekomen.

Wordt een van de hiervoor genoemde voorwaarden niet vervuld, bijvoorbeeld doordat een kortere termijn dan 14 dagen wordt gehanteerd, kan betaling van de buitengerechtelijke incassokosten niet worden afgedwongen. Een rechter zal deze vordering dan niet toekennen.

Veertiendagenbrief

Na het in werking treden van het besluit, is de vraag gerezen of de hiervoor omschreven veertiendagenbrief voldoende is om buitengerechtelijke incassokosten in rekening te brengen. Dient de schuldeiser niet nog een extra aanmaning aan de schuldenaar te verzenden alvorens hij daartoe kan overgaan?

De kantonrechter te Arnhem heeft deze vraag aan de Hoge Raad voorgelegd teneinde hierover duidelijkheid te verkrijgen.

In zijn arrest van 13 juni 2014[5] heeft de Hoge Raad geoordeeld dat een schuldeiser wanneer betaling, na verzending van de veertiendagenbrief is uitgebleven, buitengerechtelijke incassokosten bij de schuldenaar in rekening brengen.

Kortom het verzenden van de veertiendagenbrief[6] is voldoende om buitengerechtelijke incassokosten in rekening te brengen. Een extra handeling is daarvoor niet noodzakelijk.


Schuldenaar = rechtspersoon

Van belang is dat het besluit eveneens van toepassing is op de situatie wanneer de schuldenaar geen natuurlijk persoon is. In dat geval is het besluit echter van regelend recht, er kan in negatieve zin voor de schuldenaar vanaf worden geweken.

De schuldeiser kan dit bijvoorbeeld in zijn algemene voorwaarden doen. Gaat de schuldenaar / niet natuurlijk persoon met deze voorwaarden akkoord, dan is deze aan de afwijking gebonden[7].

Het is dan ook belangrijk algemene voorwaarden goed te controleren en daarmee niet zonder meer in te stemmen.

Indien geen afwijkende afspraken voor het in rekening brengen van buitengerechtelijke incassokosten worden gemaakt, dient het besluit te worden nageleefd. In dat geval gelden, ook voor de schuldenaar / niet natuurlijk persoon, de uit het besluit voortvloeiende vastgestelde bedragen en termijnen.


Concluderende opmerkingen

Kortom:

-   bent u ondernemer en doet u zaken zowel met natuurlijke als niet natuurlijke personen, luidt het advies algemene voorwaarden te hanteren die niet van het besluit afwijken.
Hierdoor wordt voorkomen dat buitengerechtelijke incassokosten niet bij een natuurlijk persoon in rekening kunnen worden gebracht, omdat de algemene voorwaarden in negatieve zin van het besluit afwijken.

-  bent u een schuldenaar die voor 1 juli 2012 in verzuim is geraakt met het voldoen van een geldsom en wordt u alsnog met buitengerechtelijke incassokosten geconfronteerd, luidt het advies daar niet zonder meer mee akkoord te gaan. Ondanks het uitgangspunt (gemaakte afspraken dienen te worden nagekomen), kunnen omstandigheden een rol spelen die het verlagen van de buitengerechtelijke incassokosten rechtvaardigen.

 

Indien u naar aanleiding van het vorenstaande vragen heeft en/of advies wenst te krijgen over bijvoorbeeld de juistheid van uw algemene voorwaarden en/of het incasseren van debiteurenposten, kunt u contact met ons opnemen.
 

Pascalle Thoren

 


[2] Het besluit is in het Burgerlijk Wetboek opgenomen in artikel 6:96 lid 6 (BW).

[3] Op geldvorderingen ten aanzien waarvan de schuldenaar voor 1 juli 2012 in verzuim is geraakt, zijn de op dat moment geldende afspraken leidend.

[4] Na dagtekening van de brief.

[6] Mits voldaan is aan alle voorwaarden.

[7] Ervan uitgaande dat de algemene voorwaarden juist zijn overgelegd.

 

In de rechtszaal van het geweten wordt altijd zitting gehouden.
Goede kennis van de klant komt de kwaliteit van de advisering ten goede en genereert toegevoegde waarde.